Wat is het effect van inflatie op jouw spaarrekening?

Bijna elk kwartaal verkondigen de media dat we in België met zijn allen een nieuw recordbedrag op spaarrekeningen hebben geparkeerd. De rente is laag en toch sparen we verder op onze spaarrekening. Bovendien is de inflatie hoger dan de rente, waardoor het geld op onze spaarrekening steeds minder waard wordt. 

Waarom daalt de waarde van het geld op mijn spaarrekening?

‘Inflatie’ betekent dat de goederen en diensten die we gebruiken bijna elk jaar duurder worden. Als de rente op je spaarrekening even hoog is als de inflatie, compenseert dat de inflatie en kun je over een paar jaar nog altijd even veel met je spaargeld kopen als nu. Maar dat is de laatste jaren niet zo.

De rente op je spaarrekening ligt de laatste jaren veel lager dan de inflatie. De waarde van je spaargeld stijgt dus minder snel dan de kostprijs van goederen en diensten. Met andere woorden, je spaargeld wordt steeds minder waard, waardoor je koopkracht daalt.

Voorbeeld

  • Je parkeert 10.000 euro op je spaarrekening en je laat dat de komende tien jaar staan.
  • We gaan uit van een gemiddelde inflatie van 1,92 %* per jaar. We kunnen dus stellen dat je 10.000 euro elk jaar opnieuw 1,92 % minder waard wordt. Dat betekent dat het over tien jaar nog maar zo’n 8.238 euro waard is.
  • De totale minimumrente op een gereglementeerde spaarrekening is momenteel 0,11 % per jaar. Als die rente tien jaar lang ongewijzigd zou blijven, zou je voor € 10.000 op tien jaar in totaal zo’n 110,55 euro rente krijgen. Na tien jaar heb je dus 10.110,55 euro op je rekening staan.

Conclusie:

In tien jaar tijd heb je 1.651,45 euro aan koopkracht verloren (10.000 euro - 8.238 euro vermeerderd met interesten). 

Het effect van inflatie

Het effect  van inflatie

Wil je zelf berekenen welk effect inflatie heeft op de waarde van jouw spaargeld? Ga naar de inflatietool van Wikifin op www.wikifin.be.

Waarom krijg ik geen hogere rente op mijn spaarrekening?

Ook voor banken kosten de lage rentes al jaren geld.

Banken gebruiken een deel van het spaargeld om leningen te verstrekken. Uiteraard kunnen en mogen ze niet al het spaargeld daarvoor gebruiken. Ze moeten ervoor zorgen dat mensen hun geld ook kunnen opnemen als ze het nodig hebben. Het geld dat ze niet gebruiken en onder andere daarvoor reserveren, noemen we ‘cashoverschotten’. Die cashoverschotten parkeren de banken bij de Europese Centrale Bank (ECB).

Tot 2008 kregen zij daarvoor een depositorente die varieerde tussen 1 % en meer dan 3 %. Maar sinds 2008 is de depositorente bijna constant gedaald en sinds midden 2014 is ze zelfs negatief. De banken moeten dus betalen om hun cashoverschotten te parkeren. Banken in de eurozone betalen ondertussen zelfs een strafrente van 0,4 % als ze grote cashoverschotten parkeren bij de Europese Centrale Bank. Die strafrente kost de Europese banken miljarden per jaar. Onlangs werd ze zelfs opgetrokken naar 0,5 %. De gigantische bedragen die we met zijn allen op spaarrekeningen zetten versterken dat effect nog, want daardoor moeten banken nog meer cashoverschotten parkeren aan een negatieve rente.

De Europese Centrale Bank houdt de rente zo laag omdat ze de economie wil stimuleren. De bedoeling is dat bedrijven en particulieren door de lage rente meer geld investeren of uitgeven. En dat zou de economie een boost moeten geven. Om diezelfde reden rekenen banken lagere rentes aan voor leningen. Zo wordt het voor bedrijven en particulieren voordeliger om geld te lenen. En is het minder aantrekkelijk om geld op spaarrekeningen te laten staan.

De rentes op spaarrekeningen zullen waarschijnlijk nog een tijdje laag blijven. 

Welke alternatieven zijn er?

De lage rente zorgt voor een zoektocht naar rendement. Na traditioneel sparen en pensioensparen kan beleggen de volgende stap zijn om je vermogen potentieel te doen groeien. Maar de risico’s om te beleggen schrikken veel mensen af. Met een correct risicoprofiel, een voldoende lange tijdshorizon en een ruime spreiding kan beleggen nochtans interessant zijn voor iedereen. Met een beleggingsplan kun je bovendien maandelijks kleine bedragen beleggen en hoef je dus niet ineens een groot bedrag te investeren.

Beleggen doe je best met geld dat je gedurende een bepaalde periode kunt missen:

  • Spaargeld dat je opzij hebt staan voor plannen op korte termijn gebruik je best niet om te beleggen. Daarvoor is de spaarrekening de ideale parkeerplaats.
  • Heb je een financiële buffer waarmee je de komende jaren geen plannen hebt? Of kun je maandelijks een bepaald bedrag opzijzetten? Dan kan het interessant zijn om te bekijken welke belegging bij jou past.

Meer informatie