- Je taalkeuze wordt bewaard.
- Je kantoor wordt onthouden.
- Je sessie wordt beveiligd.
- Je krijgt de standaardversie van onze website te zien. De inhoud wordt niet aangepast aan jouw voorkeuren.
Welke soorten huwelijksstelsels zijn er en wat zijn de verschillen?
Laatst bijgewerkt: 10.06.2025 | ⏱ 7 minuten
Als je trouwt heeft dat gevolgen voor jouw vermogen en inkomsten en die van je partner. De verdeling van jullie inkomsten, bezittingen en schulden wordt vastgelegd in een huwelijkscontract. Dat heeft een directe invloed als 1 van jullie overlijdt of als je scheidt.
Soorten huwelijksstelsels
In grote lijnen zijn 3 soorten huwelijksstelsels:
- Wettelijk huwelijksstelsel
Als je zelf niets regelt, val je automatisch onder het wettelijke huwelijksstelsel. Je kunt het wettelijke stelsel ook aanpassen naar je eigen wensen en behoeften. Dan stelt de notaris een huwelijkscontract op waarin die aanpassingen gespecifieerd worden. In dit stelsel zijn de inkomsten van beide echtgenoten gemeenschappelijk.
- Stelsel van scheiding van goederen
Als je voor dit stelsel kiest blijven alle inkomsten en goederen van je partner en jou gescheiden. Je moet hiervoor een huwelijkscontract opmaken.
- Stelsel van algemene gemeenschap.
In dit huwelijksconstract zijn alle goederen en inkomsten gemeenschappelijk.
Je kunt een huwelijkscontract op maat laten opmaken bij de notaris vóór het huwelijk, maar het kan ook tijdens het huwelijk opgemaakt of aangepast worden.
Je bent niet volledig vrij om eender wat op te nemen in je huwelijkscontract. Er zijn basisregels die je moet respecteren. Bijvoorbeeld:
- Je bent allebei verplicht om bij te dragen in de kosten van het huwelijk. Hoeveel je elk bijdraagt, wordt bepaald in verhouding tot je vermogen.
- De gezinswoning kan nooit verkocht of gehypothekeerd worden zonder akkoord van zowel jou als je echtgenoot, ook al is ze eigendom van 1 van jullie.
Wettelijk stelsel of scheiding van goederen met gemeenschap van aanwinsten
Drie vermogens
Het wettelijke stelsel verdeelt het vermogen (goederen, geld en schulden) van jou en je echtgenoot in drie delen:
| Vermogen | Wat is het? | Voorbeeld |
|---|---|---|
| het gemeenschappelijk vermogen | alle inkomsten die je ontvangt door te werken en opbrengsten van gemeenschappelijke en eigen goederen |
|
| je eigen vermogen | de goederen en schulden die je bezit vóór het huwelijk en die je tijdens het huwelijk krijgt door erfenis, schenking of testament (inclusief de hieraan verbonden schulden) |
een woning die je erft |
| het eigen vermogen van je echtgenoot | de goederen en schulden die je echtgenoot bezit vóór het huwelijk en krijgt tijdens het huwelijk door erfenis, schenking of testament (inclusief de hieraan verbonden schulden) |
een bankgift aan je echtgenoot |
Bewijs van eigendom
Goederen waarvan je niet kan bewijzen dat ze eigen zijn, behoren tot het gemeenschappelijk vermogen.
Als jij of je echtgenoot overlijdt of als jullie scheiden, wordt het gemeenschappelijke vermogen in gelijke delen verdeeld tussen jullie beide.
Kan je wel bewijzen dat bepaalde goederen (bv. een effectenportefeuille die je erfde) tot jouw eigen vermogen behoren, dan worden die niet verdeeld tussen jou en je echtgenoot.
Voorbeelden
|
geld op een bankrekening op jouw naam |
Er wordt verondersteld dat het geld op de rekening gestort werd met inkomsten van jou en je echtgenoot of van 1 van jullie beide. Daardoor behoort het tot het gemeenschappelijk vermogen, tenzij je kan bewijzen dat deze gelden eigen vermogen zijn. |
| een erfenis of schenking die je kreeg | Een erfenis of schenking behoort tot je eigen vermogen.
Het is belangrijk dat je de herkomst hiervan kunt aantonen. Houd geld en effecten uit erfenissen of schenkingen daarom altijd gescheiden van je beroepsinkomsten, het geld dat je spaart tijdens je huwelijk, de inkomsten van je beleggingen,... Zet ze op een aparte rekening. |
| een nieuwe eetkamer waarvan je een factuur op jouw naam hebt | Als er tijdens het huwelijk een factuur opgemaakt wordt op naam van 1 echtgenoot wordt verondersteld dat die betaald is met inkomsten. Inkomsten zijn in dit huwelijksstelsel altijd gemeenschappelijk. Een factuur is dus geen bewijs van eigendom. De nieuwe eetkamer behoort dus niet tot het gemeenschappelijk vermogen, tenzij je kunt bewijzen dat je die met eigen vermogen betaalde. |
| een woning of grond die je aankoopt met je eigen vermogen | Koop je een woning met gelden die je verdiende vóór je huwelijk of met gelden die je kreeg uit een schenking of erfenis ? Laat expliciet in de notariële aankoopakte opnemen dat je deze woning of grond met je eigen vermogen aankoopt en dat die dus jouw eigendom is. Bespreek dit met je notaris. |
Overlijden
Als jij of je partner overlijdt, bestaat de nalatenschap uit:
- het eigen vermogen van de overledene
- de helft van het gemeenschappelijke vermogen
De regels van het wettelijke erfrecht bepalen wie wat erft, tenzij je op voorhand iets vastlegt in je huwelijkscontract, een begunstiging van een levensverzekering of een testament.
Meer informatie over je huwelijkscontract en je nalatenschap
Aanpassing huwelijkscontract
Wil je afwijken van de regels hierboven? Dan kun je altijd een huwelijkscontract opmaken waarin je bijvoorbeeld deze principes verwerkt:
Eigen vermogen inbrengen in gemeenschappelijk vermogen
Je kunt bepaalde goederen van je eigen vermogen inbrengen in het gemeenschappelijke vermogen. Je kunt daarbij eventueel bepalen dat je bij een overlijden of echtscheiding als eerste een keuze mag maken om deze terug naar je toe te trekken.
Op het moment dat jij of je echtgenoot overlijdt biedt een keuzebeding de langstlevende de vrijheid om de meest optimale keuze te maken over de verdeling van het gemeenschappelijke vermogen. Die keuze kan dan gemaakt worden in functie van de omstandigheden, wensen en behoeften op dat moment.
Keuzebeding
Je kiest daarbij of de langstlevende echtgenoot de volle eigendom en / of alleen een vruchtgebruik kan krijgen van de zaken die hij naar zich toe trekt.
Als je een goede verstandhouding hebt met je kinderen, is het fiscaal voordeliger om jezelf alleen het vruchtgebruik toe te kennen. Als de relatie met de kinderen vertroebeld is of ze nog te jong zijn, dan is de volle eigendom aangewezen.
Voorbeeld
- Je kunt opnemen dat de langstlevende de keuze heeft om meer naar zich toe te trekken dan de helft van het gemeenschappelijke vermogen. Dat biedt een extra financiële bescherming als de langstlevende er alleen voor komt te staan.
- Je kunt opnemen om bepaalde goederen naar jou toe te trekken, zoals de gezinswoning, het 2de verblijf, alle roerende goederen,…
Wist je dit?
Als je kinderen hebt uit een vorige relatie zijn er grenzen voor de verdeling van het gemeenschappelijke vermogen om de kinderen te beschermen. Je kunt wel beslissingen nemen in het voordeel van elkaar, met respect voor het voorbehouden deel voor je kinderen.
Stelsel van scheiding van goederen
Twee vermogens
Het huwelijksstelsel van scheiding van goederen verdeelt het vermogen in twee delen:
- Jouw eigen vermogen
- Het eigen vermogen van jouw echtgenoot
Jij en je echtgenoot blijven elk eigenaar van wat jullie vóór het huwelijk al bezaten en van wat jullie tijdens het huwelijk verwerven. Het maakt daarbij niet uit hoe je die bezittingen kreeg. Alles wat je door een erfenis, schenking of een testament krijgt, en alle inkomsten die je krijgt door te werken en uit vermogen (bijvoorbeeld het dividend van je beleggingsfondsen) behoren dus tot je eigen vermogen.
Jullie kunnen ook samen zaken kopen of schulden aangaan (bijvoorbeeld een woning kopen, een lening aangaan, een kunstwerk kopen, …):
- Deze aankopen of schulden behoren dan in ‘onverdeeldheid’ toe aan jullie allebei. Dat betekent dat jullie elk eigenaar zijn van een deel van die aankopen of schulden, in verhouding met het aandeel dat je hebt bijgedragen (bijvoorbeeld elk 50 %, of de ene 30 % en de andere 70 %).
- Jullie kunnen allebei op elk moment vragen om uit onverdeeldheid te treden door bijvoorbeeld het deel van de andere af te kopen zodat je zelf volledig eigenaar wordt.
Uitzondering
De gezinswoning is extra beschermd omdat ze een bijzondere functie heeft voor het gezin. Geen van de 2 echtgenoten kan zijn aandeel in de gezinswoning verkopen of wegschenken zonder toestemming van de andere. Ook niet als die de enige eigenaar is.
Bewijs van eigendom
Nadat de authentieke akte van aankoop van een onroerend goed bij de notaris werd ondertekend, zorgt de notaris ervoor dat de aankoop geregistreerd wordt bij het hypotheekkantoor. Het bewijs van eigendom van een onroerend goed wordt dan ook geleverd op basis van de registers van het hypotheekkantoor.
Het bewijs van eigendom van roerende goederen is moeilijker te leveren:
- Iedere echtgenoot moet zijn aandeel in de prijs betalen. Een factuur of een bestelbon op naam van een van de echtgenoten volstaat op zich dus niet als bewijs van eigendom. Er is bijkomend bewijs nodig om aan te tonen aan wie het goed toebehoort (bijvoorbeeld betaalbewijzen).
- Voor goederen die in het huwelijkscontract expliciet zijn opgesomd als persoonlijke eigendom is geen bijkomend bewijs nodig.
- Kunnen de echtgenoten geen bewijs van eigendom van roerende goederen leveren? Dan wordt verondersteld dat de goederen in onverdeeldheid en voor 50 % toebehoren aan elke echtgenoot.
(Toekomstige) echtgenoten die huwen onder een stelsel van scheiding van goederen nemen in hun huwelijkscontract vaak regels op rond het bewijs van eigendom van goederen. Bespreek dit zeker met je notaris.
Overlijden
Als een van de echtgenoten overlijdt, omvat de nalatenschap het eigen vermogen, inclusief het aandeel in de onverdeeldheden.
Als er op voorhand niets werd vastgelegd rond de nalatenschap, bepalen de regels van het wettelijk erfrecht wie wat zal erven.
Solidariteit tussen de echtgenoten
Het huwelijksstelsel van een zuivere scheiding van goederen biedt weinig solidariteit en bescherming. De inkomsten uit arbeid die je tijdens je huwelijk verwerft behoren tot het eigen vermogen van elke echtgenoot, net als alle andere vermogenscomponenten. Zo kan een onevenwichtige opbouw van de vermogens tussen de echtgenoten ontstaan. Bij overlijden of echtscheiding behoudt elke echtgenoot het vermogen dat hij zelf heeft opgebouwd.
Er zijn een aantal mogelijkheden om de wederzijdse solidariteit tussen echtgenoten te verhogen:
- Je kunt een beding van ‘verrekening van aanwinsten’ toevoegen. Dat slaat alleen op het vermogen dat tijdens het huwelijk wordt opgebouwd (ook wel ‘huwelijkse aanwinsten’ of ‘aanwinsten’ genoemd). Als het huwelijk beëindigd wordt, worden die aanwinsten dan tussen beide echtgenoten verdeeld.
- Je kunt een ‘billijkheidscorrectie’ in het huwelijkscontract opnemen. Als er bij een echtscheiding een manifest onbillijke situatie onstaat, dan kan de rechter maximaal 1/3 van de huwelijkse aanwinsten aan de minst begoede echtgenoot toebedelen.
Meer weten?
Neem gerust contact op met een Argenta-kantoor bij jou in de buurt. Dan bekijken we samen wat Argenta voor jou kan doen.