- Je taalkeuze wordt bewaard.
- Je kantoor wordt onthouden.
- Je sessie wordt beveiligd.
- Je krijgt de standaardversie van onze website te zien. De inhoud wordt niet aangepast aan jouw voorkeuren.
De Dow Jones op recordkoers: was het nu 50.000 of 6.517.681 punten?
24 februari 2026
De Dow Jones heeft begin deze maand de symbolische grens van 50.000 punten overschreden. Een primeur! Of toch als je naar het niveau van de ‘prijsindex’ kijkt – maar die volgt alleen de koersbewegingen van een aandelenindex. Bekijk je ook de ‘returnindex’, dan krijg je een juistere kijk op de werkelijke prestatie, want die houdt ook rekening met de uitgekeerde dividenden en herbeleggingen.
In november 2016 meldde ik met onverholen enthousiasme dat de Dow Jones Return Index een mythische grens had overschreden en de kaap van 2 miljoen punten (vertaal dit gerust in US dollar) had gerond. Een opzienbarende prestatie, aangezien het startniveau van deze index in 1896 slechts 40,94 punten bedroeg. Dat getal vertegenwoordigde de waarde van een aandelenkorf van 12 bedrijven1 die destijds representatief waren voor de Amerikaanse economie.
Nadat de (inmiddels flink gewijzigde) korf met 30 bedrijven op 9 februari 2007 voor het eerst het historische niveau van 1 miljoen punten had doorbroken, duurde het ruim 9 jaar voordat de Return Index van de Dow Jones opnieuw een miljoen dollar kon bijschrijven op de rekening van zijn beleggers. Met de aankondiging van de nieuwe mijlpaal van 2 miljoen US dollar in november 2016, dacht ik jullie een primeur te bezorgen, maar er was helaas geen haan die kraaide naar mijn berekeningen en het fait divers ging volledig verloren in de maalstroom van de verrassende Amerikaanse presidentsverkiezingen.
Maar de boer, hij ploegde voort… De Dow Jones return index klom onversaagd verder: 3 miljoen dollar in september 2018, 4 miljoen in april 2021, om vervolgens in maart 2024 de kaap van 5 miljoen te ronden. Telkens werd dit nieuwtje naar de pers gestuurd, maar nooit volgde enige reactie: te ongeloofwaardig.
Grafiek 1: Evolutie van de Dow Jones Return Index
Prijsindex versus returnindex
Dat gebrek aan geloofwaardigheid heeft te maken met het traditionele referentiekader van de doorsnee-belegger. Die meet de evolutie van de Dow Jones niet in termen van een prijsindex, waarvan de waarde zich in de buurt van de 50.000 punten situeert. Die berekening is louter gebaseerd op de evolutie van de koersen van de aandelen die deze legendarische index vormgeven. Maar je moet de uitgekeerde dividenden bij de koersevolutie optellen om de werkelijke vermogenscreatie te kennen. Bovendien moet je ook rekening houden met de dividenden die in de index worden herbelegd. Op langere termijn is de invloed daarvan ronduit spectaculair.
Het vereist overigens flink wat puzzelwerk om de evolutie van de returnindex historisch te reconstrueren, omdat het concept pas na de jaren 70 meer in zwang geraakte. Maar na het nodige reken- en opzoekwerk2, bots je op enkele verbazingwekkende tendensen.
De initiële berekening van de Dow Jones-prijsindex (DJIA) op 26 mei 1896 bedroeg 40,94 punten. Eind 2000 klom de prijsindex voor het eerst boven 10.000 punten, om op 6 februari 2026 (even) af te klokken boven het mythische niveau van 50.000 punten.
Op zich lijkt een stijging van 40,94 naar ongeveer 50.000 punten indrukwekkend, maar schijn bedriegt – en wel dubbelop. De werkelijke evolutie over de lange termijn is tegelijkertijd slechter én beter dan u vermoedt.
Tabel 1 schetst het verloop van deze index, zowel in nominale als reële termen en dat voor zowel de prijs- als de returnindex.
Het behaalde jaarrendement van de prijsindex over de totale periode bedraagt ‘slechts’ 5,55 % in nominale termen. Na inflatiecorrectie valt dit terug tot 2,61%. Dat is minder spectaculair dan men op het eerste gezicht zou vermoeden.
Tabel 1: Evolutie van de prijs- en returnindex van de Dow Jones in nominale en reële termen.
| Datum | Prijsindex Nominaal | Prijsindex Reëel | Return Index Nominaal | Return Index Reëel |
|---|---|---|---|---|
| 20/02/2026 | 49.626 | 1.205 | 6.517.681 | 158.255 |
| 26/05/1896 | 40,94 | 40,94 | 40,94 | 40,94 |
| Rendement op jaarbasis | 5,55 % | 2,61 % | 9,36 % | 6,45 % |
| X-Factor | 1.212,16x | 29,43x | 159.200,81x | 3.865,52x |
In nominale termen is het oorspronkelijk geïnvesteerde bedrag uit 1896 met een factor 159.200,81 (!) toegenomen volgens de returnindex. Volgens de prijsindex (dus zonder de herbelegging van dividenden) is dit ‘slechts’ met een factor 1.212,16.
Als we wel rekening houden met de herbelegde dividenden én tegelijk een correctie voor inflatie doorvoeren, dan is de koopkracht van 1896 na een systematische belegging in de Dow Jones-waarden meer dan 3.865 maal vergroot. In termen van de prijsindex bedraagt die koopkrachtstijging 29 maal het initiële niveau.
Een bewijs dat welvaartsvastheid – waarbij je je koopkracht beschermt en je vermogen laat mee-evolueren met de economische groei – mogelijk is via gedisciplineerde beleggingen in een goed gespreide aandelenportefeuille die aansluit bij de economische realiteit.
50.000 punten op de Dow Jones-(prijs)index is daarom weinigzeggend. 6 miljoen punten op de Dow Jones-(return)index is dat des te meer. Al op 25 september vorig jaar zoefde de index geruisloos en ongezien voorbij die kaap. Maar destijds waren andere nieuwsfeiten belangrijker. Ik ben inmiddels helaas vergeten welke dat waren.
1 Het merendeel van deze pioniers bestaat niet meer of is opgegaan in andere ondernemingen, met uitzondering van General Electric, dat pas in 2018 uit de index verdween. Een index vormt een dynamisch gegeven.
2 De berekening zijn geënt op de resultaten van Clarke & Statman: The DJIA Crossed 652,230. Winter 2000 Journal of Portfolio Management