Softwarebedrijven op een kruispunt

16 juni 2026

De opmars van autonome AI‑agenten (die zelfstandig taken kunnen plannen en uitvoeren) zit in een stroomversnelling. De reden: Claude en Mythos, de assistenten van de Amerikaanse AI-reus Anthropic, blijken zo sterk dat ze het technologielandschap grondig hertekenen. En dat zie je ook terug in de beurswaarderingen van softwarebedrijven, met een kamp van winnaars en verliezers.

Aanvankelijk zagen de financiële markten softwarebedrijven als een min of meer homogene groep. Vandaag is er wel een opdeling ontstaan, door de sterk uiteenlopende prestaties. De kernvraag hierbij is wat de verwachte reactie is van deze bedrijven op de fundamentele veranderingen: werkt AI als een disruptieve kracht en duwt het hen richting afgrond, of werkt AI als een hefboom voor hun activiteiten en winstgevendheid?

Deze tweespalt drijft de technologiebedrijven uiteen in winnaars en verliezers. Aan de ene zijde staan de enablers, die de AI‑revolutie ondersteunen met producten zoals HBM‑chips, lithografie, nanotechnologie en koeling of stroombeheer voor datacenters. Daartegenover staat een groep uitgesproken verliezers: aanbieders van software die een deel van hun inkomsten zullen verliezen door AI-toepassingen, of die zelfs existentieel bedreigd worden.

En dus dringt de vraag zich op: kunnen we de afwijkingen in beursgedrag tussen bepaalde softwarebedrijven verklaren en eventueel opportuniteiten spotten? Bijvoorbeeld bij bedrijven die door een koersval te zwaar zijn afgestraft, of die hun strategische positionering nog onvoldoende weerspiegeld zien in hun beurswaardering? Daarvoor maken we gebruik van een kwantitatieve filter die de belangrijkste waarde-drijvers voor softwarebedrijven vertaalt in een scoringstabel. Zo kunnen we elk bedrijf in 1 van de 4 kwadranten plaatsen, elk met een fundamenteel verschillend toekomstperspectief.

We beoordelen elk softwarebedrijf op 4 dimensies, die samen tonen hoe sterk de onderneming operationeel en strategisch staat. Elke dimensie krijgt een score van 0 tot 10.

  • Mission Critical (MC): Hoe onmisbaar is de software voor de klant? Zit het systeem diep in het zenuwstelsel van de klant verweven, waardoor de overstapkosten bij vervanging gigantisch zijn?
  • Substitutierisico (SR): In welke mate kunnen generatieve AI en autonome agente de software vervangen?
  • Unieke data en platformen (DP⁺): De ultieme beschermingswal in de AI-economie is de aanwezigheid van een unieke database of een ijzersterk, moeilijk vervangbaar IT-platform. Die vormen een belangrijke drempel voor nieuwe spelers.
  • Laaghangend fruit (LH): Hoe kwetsbaar is het verdienmodel? Denk aan eenvoudige inkomsten uit licenties, standaardontwikkeling of consultancy.

De 4 dimensies komen samen in 2 kernparameters.
Die vormen een assenstelsel dat de marktpositie zichtbaar maakt.

  • De Y-as (MC minus SR) Deze as toont de kwetsbaarheid. Een positieve score betekent dat de software sterker ingebed is dan de bedreiging door AI.
  • De X-as (DP⁺ minus LH) Deze as toont de balans tussen sterkte en kwetsbaarheid. Een positieve score betekent dat de onderneming voldoende tegengewicht biedt aan prijsdruk en kosten.

Grafiek: Assenkruis op basis van Existentiële (on)kwetsbaar en de structurele defensiegordel 

Assenkruis op basis van Existentiële (on)kwetsbaar en de structurele defensiegordel

Kwadrant rechtsboven (+X, +Y): sterk en beschermd. Deze ondernemingen hebben een sterke positie. De software zit diep in de processen van klanten en is moeilijk te vervangen. Unieke data of een sterk platform beschermen het model. AI versterkt hier het bestaande verdienmodel.

Kwadrant linksboven (-X, +Y): onmisbaar, maar onder druk. Deze ondernemingen leveren software die moeilijk te vervangen blijft. Toch komt de winst onder druk door AI. De positie blijft voorlopig overeind door gewoontes en afhankelijkheid bij klanten.

Kwadrant linksonder (-X, -Y): kwetsbaar. Deze ondernemingen zijn zowel vervangbaar als weinig beschermd. De winstbasis daalt en de druk neemt toe. Ze lopen het grootste risico op waardeverlies.

Kwadrant rechtsonder (+X, -Y): sterke basis, maar onvoldoende ingebed. Deze ondernemingen beschikken over sterke data of een goed platform. Toch zit de software nog niet diep genoeg in de werking van klanten. De positie blijft daardoor kwetsbaar.

Samengevat:

  • Kwadrant I: AI versterkt wat al onmisbaar en beschermd is.
  • Kwadrant II: Onmisbaar, maar economisch onder druk.
  • Kwadrant III: Vervangbaar en kwetsbaar.
  • Kwadrant IV: Beschermd, maar nog niet onmisbaar.

Conclusie: wat betekent dit voor beleggers?

De keuze voor bedrijven in kwadrant I lijkt evident, zeker ten koste van kwadrant III, waar de neergang zich onherroepelijk verder zal zetten. Bedrijven in de kwadranten II en IV moeten we met argusogen volgen. Elke verdere beweging naar beneden of naar links zal de positie van deze ondernemingen definitief ondermijnen en een (verdere) verkoopgolf op de markten veroorzaken